Drumnadrochit – Dunfermline

Dag 7 – Dinsdag 25 mei.
km: 38797
Weer: Fris, af en toe beetje regen maar in de middag weer warmer en een heerlijk zonnetje.

De dag start met een stukje binnendoor waarbij ik het voor elkaar krijg helemaal te verdwalen. Het doel voor deze dag is Melrose. Dat is een eind richting Newcastle, en ligt toch in een mooi gebied zodat ik s’middags nog een wandeling kan wagen. Dat is het plan in ieder geval.

 

Tijdens de lunchpauze kom ik bij een tentje terecht voor een kop koffie en een tuna sandwich. Op het bankje een herinneringsplaatje voor een verongelukte motorrijder. Na ook wat benzine in de motor gegooid te hebben ga ik weer verder.

 

 

De wegen worden steeds breder en uiteindelijk kom ik op iets wat op een snelweg lijkt. Ik word door Schotse motorrijders ingehaald die erg vlot over de wegen gaan. En de auto’s lijken er rekening mee te houden en geven de ruimte om in te halen.  Ik volg deze inburgeringscursus en pas me aan. Maar toch ben ik ze al snel kwijt. Ik denk nog even aan het bankje en doe weer rustig aan, ik ben tenslotte op vakantie. Wat later zit er een politiemotor achter me die als hij mij op een gegeven moment inhaalt nog even zwaait. Doen ze in Nederland nooit.

 

Opeens, uiteraard op de rechterbaan, geen power meer. Huh? Da’s niet goed. Als automatische reactie snel twee versnellingen terug en gas. Het loslaten van de koppeling kost me een stukje achterband. Huh? Doet ie het helemaal niet meer? Nee, hij doet het helemaal niet meer. Dus met de koppeling in maar naar de vluchtstrook. Het normaal magie bezittende BMW display met 1000 mogelijke meldingen voor storingen zegt vrolijk dat alles in orde is. Terwijl de motor toch echt niet loopt. Temperatuur ook normaal en geen rare lampjes. Ctrl-Alt-Delete? Even van contact en weer aan. Ja hoor, starten. En lopen. Voor 2 seconden. Hmmm, benzinekraantje heb ik niet dus dat is het niet. Benzinemeter zegt ook vol. Voor de zekerheid even de tankdop open. Geen vacuumgeluid en plenty benzine. Blok voelt ook niet overdreven warm. Korte visuele inspectie toont dat er ook geen slangen loshangen of cilinders afgevallen zijn. Geen plassen onder de motor. En dan houdt mijn technische kennis op. Sjit (Nederlands voor Shit). Dus maar veilige afstand van de weg gezocht en ANWB gebeld. Ja u heeft alleen een lidmaatschap voor Nederland. Heb ik dat echt ooit zo afgesloten? Even controleren maar. Dan de BMW service. Korte samenvatting van dat:

Waar staat u?
– Op de M90 tussen Perth en Edinbugh.
Die is nogal lang.
– Ja, maar ik ben net Perth voorbij, ik heb wel de gps coordinaten.
Nee daar kan ik niets mee.. Staat er geen hectometerpaaltje?
– Nee. Maar zijn de coordinaten niet handig?
Is er geen plaatjes in de buurrt?
– Jawel ik zie aan de overkant Glenfarg.
Dat kan ik niet vinden op mijn kaart. Ik stuur wel iemand.
– Ok.

Kwartiertje later telefoon van het Engelse bergingsbedrijf.
Waar staat u?
– Op de M90 tussen Perth en Edinburgh.
Heeft u GPS coordinaten.
– Ja hoor: blabla
Ok we komen eraan, kan een uurtje duren.

Ach, het is lekker weer, ik zit veilig hoog in de berm. Met een muziekje op, kom ik zwaaiend naar motorrijders waarvan de motor het nog wel doet, het uurtje wel door.

De monteur die vervolgens aan komt zetten controleert dezelfde dingen als ik. Mag ik hieruit concluderen dat ik dezelfde technische kennis heb als een monteur?
Maar goed, verder rijden wordt niets, dus het busje induwen.


Wel een aardige gast, ook motorrijder. Hij haalt zelden BMW’s op. Wel veel Italiaanse motoren. En Buell. En olie lekkende Harley Davidsons.

Na heel wat heen en weer gebel met BMW, ik moet tenslotte morgen de boot halen, tot een plan gekomen. Vanavond mag ik ergens op BMW kosten overnachten, maximaal 4 sterren. Morgenvroeg gaat de motor naar de BMW dealer in Edinburgh. Als ze hem snel kunnen maken kan ik met de motor verder, anders krijg ik een leenauto.

Ik word door de sleepdienst netjes afgezet bij een Holiday Inn. Goeie service toch? 

En dat is meer luxe dan ik de afgelopen dagen gewend ben. Luxe zachte handdoeken, shampoo op douche en een TV. Geen minibar helaas. Maar het belangrijkste, stopcontacten! Powerrrrr. Telefoon, laptop, GPS en camera worden van de hoognodige verse stroom voorzien. Alles was bijna leeg.

Torrindon – Drumnadrochit

Dag 6 –  Maandag 24 mei
km: 38474
Torrindon – Drumnadrochit.

Vandaag is het plan alvast weer wat richting de andere kant van Schotland te rijden. Maar dan uiteraard via Ardvreck Castle. Dus daar gaan we. Op weg.

Maar het is koud en fris. De eerste keer dat ik mijn col en winterhandschoenen gebruik. De regen blijft op het vizier zitten en de binnenkant beslaat. Dus op de gok maar wat verder rijden. De route is wel weer mooi langs de kust. 

 

Wat verder onderweg zie ik een motorrijder lopen, dus ik stop er even naast. Een Duitser met een Triumph en een lekke band. Ik vraag hem nog of ik kan helpen, maar kan ook weinig doen. Hij zou in het volgende dorpje wel hulp zoeken. Voor de volgende keer: bandenplaksetje meenemen.

 

 

 

 

 

Verlaten huisOnderweg kom ik nog een leeg huis tegen waar uiteraard foto’s gemaakt moeten worden. Er zit geen glas meer in de ruiten, maar er hangen doeken voor die steeds in de wind klapperen. Spooky!

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Ardvreck Castle is meer Ardvreck Ruine. Het staat wel mooi aan het water in een verlaten stuk land. En gezien het gure weer kan ik me voorstellen hoe welkom vroeger zo’n kasteeltje met dikke muren en haardvuur geweest moet zijn. Ik wandel nog even rond en besluit naar het oosten te rijden, in de hoop dat het weer verder in het binnenland wat beter is.

 

 

Onderweg zie ik een onverharde weg die er uitnodigend uitziet. Hij begint goed, maar gaat al snel over in een stuk Belgische spoorwegkeien en wordt later weer wat zanderig. Het rijden hier warmt wel weer op, dat wel. Aangezien ik alleen ben en ik niet het idee heb dat er hier veel mensen langs komen doe ik rustig aan en besluit niet te ver te gaan. Maar ja. Toch steeds weer die nieuwsgierigheid naar wat er achter de volgende bocht is. Een diepe geul dus. Einde route.

 

 

 

Loch nessEn weer gaat het verder richting Loch Ness over kleine wegen. Onderweg besluit ik even te stoppen bij een parkeerplaatsje. En vandaar uit vertrekken enkele korte wandelingen. Ach, ook wel leuk. Motor op slot en lopen maar. Gaat over een stuk gebied wat gevormd is in de ijstijd en er staan her en der ook bordjes met uitleg. Sta ik rustig te lezen hoe een hele grote kei hier terecht is gekomen, hoor ik plotseling twee behoorlijke honden vlak achter me blaffen. Ik schrik me helemaal de T*%&. Helemaal lief zagen ze er niet uit. Heel snel was ik al aan het inschatten hoeveel een motorpak zou helpen en hoe snel ik op die kei kon klimmen. Totdat de eigenaar van de honden in de verte op een fluitje blies en ze er vandoor gingen. Ik er ook vandoor dus richting de motor. Toch weer een rondje van anderhalf uur.

Bij Loch Ness aangekomen had ik geen zin meer om te rijden en besloot het eerste het beste bordje “hostel” te volgen. Kwam bij een andere reiziger op de kamer. Even voorstellen enzo. Hij kwam uit het baskenland. Nou, als je dat zo zegt, dan weet ik genoeg. Even stoken dus 🙂 “Oh, you mean Spain.” Er is verder geen aanslag op me gepleegd.

Gegeten en een biertje gedronken en naar eh.. dinges kasteel gelopen en gekeken of ik Nessie kon spotten. Geen succes. Morgen weer.

 

 

 

 

Torrindon – Torrindon

km: 38301
Weer: Bewolkt, maar ook erg zonnig.

Ontbijtje scoren en op naar de wandeling. 6.5 km waar je 4 uur voor uit moet trekken. En volgens de borden stijl, zwaar, eten en drinken meenemen, thermo en waterdichte kleding etcetera. Even kijken, kisten aan, motorjas, hoogtevrees, en als proviand een snicker. Dus ik besluit maar de kortere wandeling van een uur te doen. Kaartje mee en gaan. Het begint al met steil omhoog en dat valt even tegen. Maar het lijkt wel een beetje op het mountainbiken, in het begin is het zwaar maar op een gegeven moment gaat het gewoon beter. Denk dat als de energie op is, er overgeschakeld wordt op vetverbranding. En dat is natuurlijk een onuitputtelijke bron 🙂

Maar goed, het pad gevolgd en dat ging wel erg snel. Op het punt aangekomen waar het eindpunt van de de “mountain route” aansloot op de “forest route” toch nieuwsgierig geworden, en een stukje omhoog gelopen. En nieuwsgierig wat er dan weer achter het volgende bergje is. En het volgende. En het volgende. Het ging eigenlijk wel lekker en ik had spijt dat ik niet meteen voor die mountainroute had gekozen. Maar met zo’n zware motorjas is dat ook niet alles. Zeker niet als de zon gewoon alweer schijnt. Volgende keer maar iets op verzinnen. Volgende keer? Ja. Want ik heb allang besloten dat ik dit nog een keer ga doen. Op het punt waar ik besloot om te keren maar een half uurtje in de zon gaan liggen om van  het uitzicht te genieten. Je kunt blijven kijken.

 

 

 

Daarna naar het einde van de weg gereden van het “schiereiland” waar ik op zit. Weer een niet te geloven weg. Op een gegeven moment zo steil omlaag dat ik twijfelde of ik nog wel terug kon komen. Maar uiteraard ging dat wel. Aan het einde van de weg overigens niet veel meer dan een aantal huisjes en een schipwrak.

 

 

In het hostel even rustig aan gedaan en daarna een hapje gaan eten in een inn nabij. En toen besloten de “applecross road” nog een keer te doen 🙂 Echt de mooiste weg ter wereld. Stop ik even voor een kleine plaspauze, komt er een politieauto voorbijgejaagd. Verderop bleek er een motor in puin te liggen. Het is een erg mooie maar ook erg verraderlijke weg. En bovenaan inmiddels zo mistig dat ik een meter of 20 kon zien. En maar groot licht aangezet in de hoop dat tegenliggers mij tijdiig aan zagen komen. Want  het blijft een single track road. Dus breed genoeg voor 1 auto, en niet meer.

 

 

Weer wat lager was het uitzicht met de laaghangende wolken weer fenomenaal. Je rijdt langs de hoge kust. De wolken boven het water en om de bergtoppen, met af en toe een stukje zon wat er door kwam. En een kollega GS rijder had op dat moment het beste kampeerplekje ter wereld, wan hij had langs de weg zijn tentje opgezet. Hij hoorde mij aankomen, dus we  hebben uitgebreid gezwaaid 🙂 Had ik al iets gezegd over die volgende keer? Dan gaat er dus zeker een tent mee. In het hostel bleek er op “mijn” kamer inmiddels een aardige Duitser gearriveerd te zijn. Ja, die bestaan ook. Eigenlijk zat het hele hostel vol met wandelaars. Heb ik nog een tijde mee zitten praten en daar is nog een doel bijgekomen voor de volgende keer.

 

 

Portree – Torrindon

Weer: n de ochtend wat bewolkt, maar droog. Smiddags zonniger en warm.
km: 38031

BenOntbijt in het B&B met een Nederlandse man die met een Schotse vrouw getrouwd is. En een vrouw uit Maleisie en een uit Thailand. Dat was best grappig. Die zijn best klein en hadden namelijk wel alles voor het ontbijt besteld. Terwijl zij echt met tegenzin zaten te eten nog leuk gebabbeld, aardige mensen allemaal.

Bij het vertrek nog wat routetips gekrgen van de B&B eigenaar. Het gebied dat ik in gedachten had kon je in een dag bekijken, maar je kon er ook een week over doen. Na ook mijn nieuwe vriendje “Ben” uitgezwaaid te hebben noordelijk gereden vanuit vanuit Portree.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 Ben.

 

En dat was mooi. Dus stoppen om foto’s te maken. Zo vaak dat ik besefte dat ik op de foto’s steeds de vorige lokatie kon zien waar ik gestopt was om een foto te maken. Waar gebeurd. Maar ja. Na ieder bocht was het uitzicht ook steeds zo mooi.

 

 

Het is moeilijk zoiets op de foto te krijgen, maar hoop dat de foto’s het een beetje hebben kunnen pakken. Oh en veel lopende bollen wol op de weg. In tegenstelling tot sommige andere dieren vluchten deze wel van je weg als ze je aan horen/zien komen. Maar helemaal daarop vertrouwen doe ik maar niet. Dankzij de tip van de B&B eigenaar nog een strandje gevonden, waar voetafdrukken van dinosaurussen schijnen te zijn. Heb ik niet gezien, maar wel dit:

 

 

Verder gereden naar de Quairangs. Door af en toe stukken dichte mist. Erg dichte mist. En het ging omhoog. En het was groen. En ruig.

 

 

Op een gegeven moment kwam ik bij een parkeerplaats van waaruit enkele wandelroutes vertrokken. Een stukje lopen leek me wel een goed idee. Ging ook lekker. Totdat ik even stopte om eens om me heen te kijken. En besefte hoe steil het eigenlijk was. 

 

Deze keer niet met de boot, maar via de brug het Isle of Skye verlaten. Na een hapje voor Nico en een drankje voor de motor een kleine omweg gemaakt. Om het van de vele foto’s beroemde Eilean Donan kasteel te bezoeken.

 

TeatimeEn wat je nooit op de plaatjes ziet (dus bij mij ook niet) is de snelweg die net rechts buiten de foto ligt. Met een grote parkeerplaats met touringcars en toeristen. En wat schetst mijn verbazing. Op die parkeerplaats stopt een Engelse motorrijder. Haalt uit zijn tas een brandertje en een keteltje. Nee toch? Ja toch. Teatime.

 

Ik besluit binnendoor over onmogelijk kleine weggetjes richting het einddoel voor deze dag te gaan. Applecross road. Niet voor beginnende bestuurders volgens het waarschuwingsbord. De weg is stijl en soms niet breder dan een fietspad in Nederland. Daarom heb je om de zoveel honderd meter een stukje verbreding “passing place” waar dan een van de twee aan de kant kan om de ander er door te laten. Zelfs met de motor pas ik niet langs een auto op.

 

En ik moet zeggen. Ik hoor niet vaak stemmetjes, maar in een onverwacht scherp haarspeldbochtje omhoog, was er zomaar iemand die opeens hardop “Tering!” in mijn helm zei. Dat was even snel reageren om niet de motor op de weg neer te leggen. Dat zou best lullig geweest zijn namelijk. Maar verder, eenmaal gewaarschuwd, was het heerlijk. Wat een plezier. Wat een feest. Constant sturen, gas geven schakelen en remmen. Her en der schapen en tegenliggers. Vergeet helemaal om me heen te kijken, zo met het rijden bezig.

Tijd om accomodatie te zoeken in applecross. Word naar een camping doorverwezen. De huisjes zijn echter vol. Er ligt echter nog een sleutel van een van de houten hutjes. Die zijn afgehuurd door een groep archeologen, maar als die niet in gebruik was kon ik er wel in. Het aardige meisje stapt nog op haar fiets om het te gaan vragen. Maar helaas. De volgende keer ga ik met een tent. Rije rije rije op zoek naar onderdak.

 

En niet druk meer op de weg. Auto’s laten me netjes inhalen als ze me aan zien komen. Ik rij echt niet hard, maar je bent hier met de motor echt zo veel sneller dan auto’s. En de bochtjes en het feest gaan gewoon door. En het schapen ontwijken uiteraard.

Uiteindelijk vind ik in Torrindon een Hostel. Cool.

 

Alberfoyle – Portree

Km stand: 37712
Weer: Zonnig begin. In de middag aardige bui. Dan droog. Rond 6 uur weer een bui. Daarna droog.

 

doedelzakker

Via een route die zich om meertjes slingerde beland ik in Fort William. Ben Nevis? De beroemde berg. Eerlijk gezegd niet gezien. De stad is me te druk, en ik heb geen zin er doorheen te crossen. Ik ga verder. Ik wil naar Skye.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 We kunnen met de brug of met de boot. De boot lijkt me wel leuk. Dus ik rij naar Mallaig. En onderweg regent het goed. Ook niet erg, want dan zijn die miljoen dode vliegen van mijn ruit af. Eenmaal aangekomen in Maillaig blijkt dat de boot over 25 minuten gaat en dat er nog plaats is ook. Nou mooi uitgemikt dan. Even een ticket kopen en een echte Schotse cappuccino.  De motor wordt door de medewerkers vastgezet met een spanband over het zadel. Makkelijk.

En dan Skye. Wat een mooi eiland. Na iedere bocht tref je weer een mooier uitzicht. Kronkelende wegen, meren, bergen en zee. En de motor vindt het allemaal leuk. Ik ook. Erg leuk.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 Met verplichte souveniersticker op de rechter bekerhouder.

 

 

 

Eenmaal in Portree blijkt een Scottish Country Dancing festival aan de gang te zijn. Ik twijfel nog heel even, maar nee, ben toch niet wezen kijken. Bij het parkeren voor de Tourist Info begon er weer een Schot tegen me te ratelen over van alles en nog wat. Hij was ook biker en begreep wel wat ik van de wegen hier vond. En de motor was zowiezo de beste manier om te reizen. Enzovoort. Maar goed, het was bijna sluitingstijd, en ik zocht nog onderdak. Dus snel naar binnen, en door de Tourist info verwezen naar een leuk B&B.

 

De eigenaar van de B&B adviseerde een leuke wandeling. Toen ik ging regende het echter de tweede keer die dag. En niet zo’n beetje. Dus eerst maar wat gaan eten en een biertje pakken. Bleek een goed plan, want toen de hamburger en de sportdrank op waren was het weer droog. En de wandeling was een erg mooie, langs de kust, over rotsen, en door bos. Met Schotse uitzichten zoals ik ze verwachtte. En mijn conditie is allerbelabbertstst. Klein stukje omhoog en ik was kapot, had het gehad, zat er doorheen. Maar uiteraard de ronde van 3 “drie” kilometer afgemaakt. Zeer de moeite waard.

Voor het ontbijt de volgende ochtend kon ik een wensenlijstje aanvinken. Spek, eieren, toast, mushrooms, bruine bonen, etcetera etcetera. Met de waarschuwing dat als ik alles koos, hij erbij zou blijven zitten totdat ik alles op had.

Ik ben de uitdaging niet aangegaan.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Water – Newcastle – Aberfoyle

Weer: Zon zon zon. Soms een wolkje.

 

Na veilig van de boot gekomen te zijn op weg naar attractie 1. Angel of the North.

De dag lijkt even zoals gisteren te beginnen als ik plots een tolhuisje op mijn weg vindt, en uiteraard heb ik nog geen ponden. Dus ik laveer vakkundig door het verkeer mijn motor naar de zijkant, naar huisje A waar meneer 1 er belangrijk uitziet. Of ik ergens ponden kan krijgen. Hij verwijst mij naar huisje B alwaar ze dat kunnen regelen. Ik vraag aan mevrouw 1 die net huisje B uitloopt of dat inderddad zo is. Ja hoor, bij mevrouw 2 binnen. Het is even uitleggen dat ik met mijn creditcard geen jaarkaart wil kopen, meer dat ik maar 1 (één) keer door de tunnel wil. Ok, meneer 2 wordt er bij geroepen. Maar net als meneer 2 er is komt mevrouw 1 weer terug en ze geeft me een Engelse Pond. Hiermee kan ik 5 keer door de tunnel. Aardige mensen, hoe er mee om te gaan. Moet wel naar hokje A om die pond met een wisselmachine om te zetten naar 5 keer 20 cent. Maar uiteindelijk kan ik me weer in het verkeer voegen en flierefluitend verder.

 


Angel of the North

 

Na de motor een klein beetje illegaal geparkeerd te hebben bij de engel rij ik verder naar het noorden.

Ach, gaat het benzinelampje aan. Even tanken dan. Maar tankstation accepteert geen pinpas, en ik krijg deze keer geen Ponden kado. Maar een dorpje terug heeft een pinautomaat. Met verse ponden weer op weg. Tank later wel want kom nog wel een eindje op deze tank. Alhoewel… Er is hier best veel niets.  Dan staat er opeens een bordje “Petrol 3 miles”. Joepieeee! Daar gestopt blijkt de hele toko gesloten te zijn. Komt nog een schot aan die een babbeltje begint over hoe alles dicht gaat vanwege de recessie in Engeland, en hoe hij Nederland kent omdat hij als soldaat in Duitsland heeft gezeten en altijd naar Venlo ging. En dat het echt abnormaal mooi weer en warm is. En hoe ik bijna bij de Schotse grens was, waar vast een doedelzakker de toeristen op stond te wachten. En als ik zonder benzine kwam te staan zou hij wel even stoppen. Nou mooi, bedankt.

Even later kwam ik hem weer tegen bij de parkeerplaats op de grens van Schotland, alwaar een doedelzakker de toeristen op stond te wachten. Uiteraard de verplichte foto’s gemaakt.

 

 

Komt er een figuur in lederhosen naar mij toe. “Hello you from holland, we are with a big touringcar from Austria and have lunch. You want some soup?”. Nou had al honger dus lekker. Nog even staan babbelen of het links rijden ging en andere soortgelijke verhalen. Maar uiteindelijk toch weten te ontsnappen want ik wilde verder Schotland in. En dat ging, want met een dashboard dat nog 20 resterende kilometers voorspelde kwam dan het verlossende tankstation. En genieten. Rijden is echt mooi op deze wegen. Heuvel op, heuvel af, bochten, en regelmatig grote velden vol met gele, uh?. Tja? Weet ik veel. Gewassen.

 

 

Via binnendoorweggetjes naar de Rosslyn chapel gereden. Dat was een tip, want die was bekend van een film. Nu weet ik niet welke, maar ik vermoed de Da Vinci Code. Heb ik niet gezien, wel het boek gelezen. Was wel een apart kapelletje, met veel mysterieuze verhalen over ridders en moorden. En onder in de catacomben voelde het niet echt heel koud aan, maar verscheen er wel damp bij het uitademen. Spooky. Je mocht er helaas geen foto’s maken. Dus dan maar zo. http://www.rosslynchapel.org.uk/

 

En nu ben ik in Alberfoyle. In een hotel dat me een beetje doet denken aan een zeker hotel in Belgie (voor de insiders). Beetje vergane glorie en veel bejaarden. Maar wel weer leuk kamermeisje.

En het weer zit zo mee, dan het op de kamer zelfs te warm is. Dus ik dwaal wat rond en vind op een trapje achter de nooduitgang (stond open) de perfecte plek om even in de zon te zitten en de route voor de volgende dag te plannen. Wat een rust hier. En wat een heerlijk weer.

Nijmegen – IJmuiden – Water

Weer: Compleet blauwe luchten.

motor bij ferry

Om 11 uur alle spullen gepakt. Het avontuur kan beginnen!

Voor 100 meter dan, want bij mij om de hoek moet er even getankt worden. Maar daarna begon het echt!

Alhoewel ik na 10 minuten even gestopt ben om de oordoppen in te doen. En gaan maar weer!

Ok, weer 10 minuten later maar een parkeerplaats opgezocht om de navigatie even om te zetten van “kortste” naar “snelste” route. Maar dat was het, echt waar, ik was onderweg.
 
En ruim op tijd rook ik de zeelucht in Ijmuiden. Op tijd om nog even een verse haring te eten op een terrasje. Verser vindt je ze niet denk ik. Hij sprong bij wijze van spreken zo uit de zee op mijn bord.

Daarna netjes in de rij gaan staan en op de boot wachten. Er verschenen ongeveer 50 motoren. Waarvan enkele oude Engelse motoren, jfa, afj, tfa, rjf, zoiets. En sommigen met een grote M er op. Nee, geen gele M. Toch maar eens opzoeken wat dat waren want het waren wel mooie machines.

Tijdens al het wachten nog verbrand door de zon ook nog. Als het nu in Schotland maar regent, want ik heb geen zonnebrand bij me.

 

 

 

 

 

 

Op de boot de motor voldoende vastgeknoopt, althans dat hoop ik.

Daarna even opgefrist in de luxe suite, en in de mermaid bar op het achterdek een Guinnes geproefd. Vakantie is begonnen.

Het avondeten (duur maar wel erg lekker) genuttigd, en nu wacht ik op het voordek op de zonsondergang. En daarna pitten want morgen rije rije rije!

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Post onder de ruitenwisser

En deze keer geen briefje met het verzoek of ik belasting wil betalen wegens “vergeten” parkeerkaartje te halen, maar iemand die graag mijn auto wil kopen. De eerste van dit jaar. Nou, voor 5000 euro’s gaat ie weg. Nog liefhebbers?

 

 

Overigens vandaag wel post van de belastingen, of ik dan toch ook dit jaar weer 216 euro motorrijtuigenbelasting over wil maken. Ik zal er over denken.